Oot (plant)
Oot (Avena fatua) is een eenjarige plant, die behoort tot de grassenfamilie. Het is een archeofyt.
Oot | |||||||||||||||||||||||
---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Taxonomische indeling | |||||||||||||||||||||||
| |||||||||||||||||||||||
Soort | |||||||||||||||||||||||
Avena fatua L. (1753) | |||||||||||||||||||||||
Afbeeldingen op Wikimedia Commons | |||||||||||||||||||||||
Oot op Wikispecies | |||||||||||||||||||||||
|
De soort staat op de Nederlandse Rode lijst van planten als vrij zeldzaam en matig afgenomen. Oot is een hexaploid en heeft het aantal chromosomen van 2n = 6x = 42.
Kenmerken
bewerkenPlant
bewerkenDe plant wordt 60-120 cm hoog en bloeit van juni tot in september[1] met een 10-40 cm lange en tot 20 cm brede, ijle, piramidevormige pluim met enige zeer grote, overhangende, twee- of driebloemige aartjes. De kale stengel heeft drie tot vijf knopen.
De glanzig, lichtgroene bladeren worden 10-30 cm lang en 4-15 mm breed, maar zijn in de schede nog opgerold. De bladeren zijn aan de basis en de rand kort behaard. De bladschede is kaal. Het tongetje is 3-6 mm lang met een vliezige rand.
Vruchten
bewerkenEen aartje is zonder kafnaald 16-25 mm lang. De as van het aartje is behaard. De aartjes hebben twee tot drie bloemen. De rijpe vruchten van de tweede en derde bloem vallen afzonderlijk af. De achtergebleven littekens hebben ten dele een harde glanzende rand. De kale, stug-papierachtige, langwerpig-eironde, spitse kelkkafjes hebben zeven of meer nerven en zijn 2 cm lang.
De lancetvormige kroonkafjes hebben zeven nerven en zijn 15-20 mm lang en hebben aan de top twee tanden. De onderste helft is bezet met stijve, vaak bruine haren. Het bovenste kroonkafje is iets korter dan het onderste kroonkafje. De geknikte kafnaald op het onderste kroonkafje is 15-40 mm lang en in het onderste deel gedraaid. De helmhokjes zijn 3 mm lang.
De graanvrucht is 7-8 mm lang en vallen snel af.[1] De zaden blijven ten minste vijf jaar, tot wel twintig jaar, kiemkrachtig.
Voorkomen
bewerkenOot komt voor op vochtige tot droge, voedselrijke grond in graanakkers en bermen.
Gebruik
bewerkenOot werd al gebruikt in de Bronstijd. Veel later, tijdens de Eerste Wereldoorlog, werd de soort nog veelal verbouwd in Rusland.[1]
-
Planten
-
Tongetje
-
Bloeiende plant
-
Bloeiend aartje
-
Kafnaalden
-
Vruchten (zaden)
Externe links
bewerken- Verspreiding in Nederland volgens NDFF Verspreidingsatlas
- Oot (Avena fatua) op SoortenBank.nl (gearchiveerd) (gebaseerd op de Heukels23, dit is de voorlaatste uitgave)
- Oot op Wilde planten
- (fr) Tele Botanica
- ↑ a b c de Graaf, Erik (1983). Eetbare wilde vruchten, zaden en noten. De Kleine Aarde, p. 16. ISBN 90-6454-261-9.